Begin van dit jaar hebben we aan de bel getrokken omdat we vonden dat Danny toch wel erg slecht ging lopen. Danny zet zijn voeten verkeerd neer en maakt een draaiende zwiep-beweging met zijn rechter been naar buiten. In combinatie met een slecht evenwicht valt Danny hierdoor toch wel erg veel. In het revalidatiecentrum, Rijndam (Danny's schooltje), hebben ze daar heel goed op gereageerd. Nadat direct fysiotherapie was opgestart (waar we nog voor op de wachtlijst stonden) was al snel de conclusie dat Danny aangepaste schoenen moest hebben. Danny heeft geen mediaal gewelf. Daarmee bedoelen ze dat de holte onder Danny zijn voeten ontbreekt. Hiervoor krijgt hij een steunzooltje in zijn schoenen. Ook zakt Danny door zijn enkels, dit noemen ze een valgusstand. Voor de valgusstand krijgt Danny semi-orthopedische schoenen met een verharde zodat hij daar meer steun aan heeft. In Rijndam hebben ze zijn voeten gemeten en zijn afdrukken gemaakt en mochten we de schoenen uit een boekje uitkiezen. 5 weken later had Danny zijn nieuwe schoenen. Danny loopt er eigenlijk meteen op en lijkt er niet zo heel veel last van te hebben, alleen als we een flink stuk hebben gelopen.
|
geen mediaal gewelf.jpg |
valgusstand |
mediaal gewelf
Toen we in Rijndam hadden aangegeven dat Danny niet zo goed liep hadden we ook al een afspraak gemaakt met de orthopeed in het Sophia. Een paar dagen na het aanmeten van zijn schoenen konden we daar terecht. Gelukkig was zijn conclusie hetzelfde als de conclusie die ze in Rijndam hadden getrokken. Als Danny 6 weken op zijn schoenen heeft gelopen mogen we bij de orthopeed terug komen voor controle.
Danny moet van de fysiotherapeute langzamer leren lopen. Danny rent eigenlijk altijd. Om zijn evenwicht te houden is rennen makkelijker dan langzaam lopen. Als je langzaam loopt moet je veel meer moeite doen om je evenwicht te houden. Ook doet de fysiotherapeute oefeningen om vanuit stilstand zijn evenwicht te trainen.
De logopediste is ook druk bezig met Danny. Het praten gaat bij Danny met sprongen vooruit. Het blijft alleen opvallend hoe vaak en consequent Danny bepaalde woorden fout blijft uitspreken. Het is niet zo dat Danny de klanken niet kan uitspreken want hij doet dat bij andere woorden wel. De logopediste heeft een vermoeden dat Danny een verbale dyspraxie heeft.
Verbale ontwikkelingsdyspraxie is het onvermogen tot het juist aansturen van de spraakspieren (tong, lippen, kaken, gezicht) bij het vormen van spraakklanken en voor het combineren van deze klanken tot lettergrepen en woorden. Met de spieren is in het algemeen niets mis. Hoewel een kind weet wat het wil zeggen, kan hij/zij het niet goed. Met niet aan spraak gerelateerde spieractiviteiten (hoesten, kauwen, slikken) zijn er meestal geen problemen. Het is iets waar je nooit vanaf komt, het is een stoornis in de aansturing van signalen van de hersenen naar je spraak. Je kan er wel met goede therapie goed mee om leren gaan.
Danny heeft ook weer een intelligentietest gehad. Dit keer in het revalidatie centrum Rijndam. Daar moest Danny nagenoeg dezelfde test doen als die Danny in het Sophia bij de groeihormoonstudie ook elk jaar krijgt. Danny krijgt deze test nu twee keer jaar. 1x in Rijndam en 1x bij de groeistudie in het Sophia.
Dit keer moest Danny het alleen doen. Wij mochten meekijken vanuit een andere kamen door een spiegel waarbij Danny ons niet kon zien. Het is verbazend hoe goed Danny het dit keer deed. Hij heeft zich enorm ontwikkeld ten opzichte van een half jaar geleden. Wat ook opvalt is dat Danny het veel beter deed dan de orthopedagoge en wij hadden verwacht. De test is afgebroken omdat Danny na een klein uur toch wel te moe werd om de opdrachtjes te doen. De test wordt een week later voortgezet.
Het lijkt er toch op dat Danny meer kan en meer doet dan dat wij allemaal denken. Hij geeft alleen een heel verkeerd beeld door zijn spraakproblemen en door alles expres fout te doen. Expres fouten maken vindt Danny erg grappig, vooral als je daar ook echt in mee gaat. We zijn thuis en op Rijndam inmiddels wel heel druk bezig om het expres fout doen te negeren en er geen spelletje van te maken.

